Het meisje in de Lila jurk

Op de stoep werd ze bijna omvergereden door een jongen op zijn fiets: ‘Tot hier en niet verder, Pipi Langkous,’ zei hij en keek haar met grote grijze ogen brutaal aan.

‘Ga weg!’ zei ze, maar hij zette haar steeds opnieuw klem.

‘Jij blijft van Roman af, want hij is van mij!’ snauwde hij.

Ze keek hem in verbijstering aan. Wat bedoelde hij daar in godsnaam mee?

‘Ja hoor, prima!’ zei ze trillend van de schrik. ‘Ik ken Roman helemaal niet en wil hem ook niet leren kennen.’ Ze begreep zelf niet waarom ze dit zei, maar ze wilde dit geruzie in ieder geval niet langer laten voortduren.

‘Wij hebben getongzoend!’ vervolgde hij zijn getreiter.

‘Nou zég, en dat verklaart dan zeker alles hé?’

Even speelde er een flauwe glimlach om zijn lippen. Het viel Lorraine op dat hij wel een grappig rond gezicht had. Zijn grijsgroene ogen loensten een beetje en hij had een erg bleke huid die vol met sproeten zat. Hij had roodharig kunnen zijn, zoals haar vader was, bedacht ze zich, ware het niet dat het haar van deze jongen eerder asblond was.

‘Jij lijkt meer op Pipi Langkous dan ik zelf,’ zei ze, ‘maar dan als jongen.’

Hij begon nerveus te knipperen met zijn ogen en gaf haar, waarschijnlijk onbedoeld, een vette knipoog. Lorraine begon ondanks zichzelf te lachen. Nu werd hij pas echt goed kwaad: hij liet haar abrupt los waardoor ze bijna achteroverviel. ‘Ga maar snel naar huis jankerd en laat ik je hier niet nog eens tegen komen!’ riep hij.

De logica van zijn woorden ontging haar en ze wist ook niet hoe ze hem in het vervolg zou moeten vermijden in deze buurt. Ze hoopte maar dat hij hier niet vandaan kwam. Ze schudde haar belager van zich af door op haar lange puberstelten een sprintje naar huis te trekken. De stadsstraten zaten blijkbaar vol met bazig gespuis!

——————————-

‘Wat een griezels wonen er in deze buurt,’ zei ze bij het avondeten tegen haar ouders.

‘Hoezo?’ vroeg haar stiefvader die erg benieuwd was hoe het de kinderen zou vergaan in deze nieuwe omgeving waar ze pas een maand woonden.

‘Oh, een jongen zette mij klem op de stoep met zijn fiets en wilde mij niet meer laten gaan! Hij had getongzoend met Roman en nu moest ik van hem afblijven, zei hij.’

‘Roman getongzoend met een jongen, hoor je dat?’ Ron stootte zijn jongste broertje Thijmen aan en ze begonnen besmuikt te lachen.

‘Maar dat kan toch helemaal niet?’ zei Ron nu. ‘Bovendien ken jij Roman nog niet eens! Maar wij slaan hem wel op zijn bek!’ voegde hij eraan toe, want hij had in die paar weken dat ze hier nu woonden al aardig wat straattaal bijgeleerd van hun bijdehante overbuurman.

Moeder keek verschrikt op over zijn taalgebruik: ‘Ron!’ zei ze vermanend. Maar Ron had de schuchterheid van de dorpsjongen, die hij enkele weken geleden nog was, al van zich afgeschud en reageerde niet eens. Ze vreesde de mentaliteit van sommige stadskinderen. Het zou spijtig zijn als hij nu al met de verkeerde vrienden in aanraking zou komen en zou afglijden tot een straatschoffie.

Lorraine hoopte dat Roman zich voorlopig niet zou laten zien in dit huis, want dat liep vast verkeerd af! Maar het kon Ron niets schelen; een vriend was een vriend voor hem. Hij maakte geen onderscheid in ‘soorten’ vrienden. Dat bleek wel uit het feit dat hij Roman, tot grote ergernis van hun moeder, al de volgende dag mee naar huis nam.

‘Goedemiddag mevrouw, wat leuk dat u onze nieuwe overbuurvrouw bent!’ Hij deed erg zijn best om beleefd te zijn en met twee woorden te spreken, maar het ontging moeder niet dat hij een plat accent had en ze was duidelijk ontstemt over zijn komst. Ze verbood de jongens niet om met elkaar om te gaan, maar moedigde het zeker ook niet aan.

‘Ron, ik hoop dat je nog wat meer vriendjes zult maken de komende tijd en niet blijft hangen bij deze ene jongen,’ zei ze toen Roman weer naar huis vertrokken was. Ron ving de hint echter niet op. Hij liep al dagen luid smakkend op zijn Donald Duck kauwgum en bellenblazend door het huis, terwijl hij probeerde om zijn schouders net zo breed te maken als die van Roman. Hij sprak ook opeens anders, want imiteren kon hij als de beste.

Hoe komen zulke mensen toch in zo’n chique buurt terecht, vroeg moeder zich af. Ze ging eens op onderzoek uit en wist al snel via andere ouders in de buurt te achterhalen dat Roman en zijn moeder uit een van de oudste achterbuurten van de stad kwamen. Romans vader was beroepsmilitair geweest, maar zat een gevangenisstraf uit vanwege huiselijk geweld. Hij had bovendien een straatverbod en mocht tijdens zijn verlofdagen niet in deze buurt komen.

Het gebroken gezin woonde tijdelijk in deze straat via de opvang voor mishandelde vrouwen en kinderen. Het was een opluchting te horen dat ze op de wachtlijst stonden voor een andere woning. Ze verwachtte sowieso dat de vriendschap met haar zoon niet lang zou duren, omdat Roman tenslotte al veertien was en haar zoon pas negen. Romanzou zijn interesse in Ron snel genoeg verliezen.

————————-

Achter een kamerbreed raam, een straat verder dan waar zij woonde, zag Lorraine een meisje druk naar haar zwaaien. Ze had een lange lila jurk aan. Zoiets moois had ze nog niet eerder gezien. Blijkbaar kende het meisje haar ergens van, misschien zaten ze wel op dezelfde school? Ze beantwoordde het enthousiaste gebaar van het meisje met een zwaai terug, al vermoedde zij dat ze haar voor iemand anders aanzag.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s